Een recidiverende verkrachter: eens een verkrachter, altijd een verkrachter?

Deze video behandelt een wijdverbreide opvatting in de publieke opinie: «"Eens een verkrachter, altijd een verkrachter"». Ze stelt voor om deze simplistische benadering te ontmantelen door gebruik te maken van wetenschappelijke en institutionele gegevens, te beginnen met een verduidelijking van wat er nu precies wordt bedoeld met recidivisme.

In het dagelijks taalgebruik verwijst recidivisme vaak naar het plegen van meerdere opeenvolgende misdrijven. In het strafrecht heeft juridische recidivisme een striktere definitie: het vereist dat een persoon al eerder is veroordeeld voor een misdrijf en vervolgens binnen een wettelijk vastgestelde periode een nieuw, soortgelijk misdrijf pleegt. Dit onderscheid is essentieel, omdat het bepaalt hoe statistieken worden geïnterpreteerd.

In tegenstelling tot wat algemeen wordt aangenomen, tonen de cijfers aan dat daders van seksuele misdrijven recidiveren minder vaak dan de daders van andere soorten misdrijven. In Frankrijk, ongeveer 10 % Daders van seksuele misdrijven plegen opnieuw misdrijven, tegen ongeveer 30 % voor misdrijven zoals diefstal of drugshandel. Met andere woorden, seksueel geweld is niet geassocieerd met de hoogste recidivecijfers binnen het strafrechtsysteem.

De video belicht ook interne verschillen binnen deze categorie. Daders van seksuele misdrijven binnen het gezin hebben een kleinere kans op recidive dan daders die buiten het gezin een misdrijf hebben gepleegd. Nog verrassender is dat sommige studies aantonen dat daders van seksueel geweld tegen kinderen een lager risico op recidive op korte termijn hebben dan daders van misdrijven tegen volwassenen. Na meerdere misdrijven convergeert het risico echter tussen de verschillende groepen, wat doet denken aan een algemeen principe: hoe vaker iemand een misdrijf pleegt, hoe groter het risico op toekomstige recidive.

Een van de belangrijkste verklaringen voor deze relatief lage percentages ligt in het bestaan van specifieke monitoring- en zorgsystemen. In Frankrijk worden veel daders van seksueel geweld na hun veroordeling onderworpen aan sociaal-juridisch toezicht. Dit toezicht omvat een strikt kader: verplichte behandeling, contactverboden met slachtoffers en regelmatige controles. Dit kader helpt het risico op recidive te verminderen.

In de video wordt ook melding gemaakt van gespecialiseerde, vaak multidisciplinaire, therapeutische benaderingen die in verschillende landen worden toegepast. Programma's zoals de Model voor een goed leven Cognitieve gedragstherapie is gericht op het aanpakken van gewelddadig gedrag, het vergroten van het zelfvertrouwen, het reguleren van emoties en het ontwikkelen van empathie. Steungroepen en programma's ter voorkoming van crimineel gedrag, soms begeleid door ex-gedetineerden, dragen ook bij aan het opbouwen van een prosociale identiteit.

Het thema verslaving staat ook centraal. De behandeling van alcoholisme of drugsverslaving is een belangrijke factor in het voorkomen van terugval, aangezien deze problemen aanzienlijke risicofactoren vormen. De video gaat ook in op chemische castratie, een behandeling die in sommige landen wordt toegepast. Er wordt benadrukt dat deze hormonale behandeling geen wondermiddel is en geen garantie biedt tegen terugval, en dat deze in Frankrijk alleen met toestemming van de betrokkene mag worden aangeboden.

Preventieprogramma's bestaan ook in gevangenissen, zoals... terugvalpreventieprogramma's (RPP's), Deze benaderingen maken het mogelijk om te werken aan de daad zelf, empathie te ontwikkelen en vermijdingsstrategieën toe te passen. Herstelrechtmechanismen en programma's ter voorkoming van recidive, met name die van reclasserings- en re-integratiediensten, vormen andere veelbelovende mogelijkheden.

Tot slot herhaalt de video een bevinding die in veel onderzoeken naar voren komt: wat de meest duurzame bescherming biedt tegen recidive is... integratiefactoren. Een stabiele woonsituatie, sociale contacten, een professionele bezigheid en culturele of sportieve verplichtingen verlagen het risico op recidive aanzienlijk, veel meer dan de zwaarte van de straf zelf.

Kortom, hoewel recidive onder daders van seksueel geweld wel degelijk voorkomt, is het minder frequent dan algemeen wordt aangenomen. Preventie berust voornamelijk op de kwaliteit van nazorg, behandeling, sociale ondersteuning en professionele training. Het versterken van deze systemen is cruciaal voor een duurzame vermindering van geweld.

Mots-clés :